------------------  THAILAND  ---------------

                     Naar de foto's                               Naar pagina 2                                    Naar de startpagina

De verhalen uit Thailand:

14 maart:
Thuiskomen op reis

19 maart:
Snorren in de hitte

28 april:
Het leven door een roze (duik)bril

14 juni:
Kunst op Bali,
sanuk in Thailand

20 juni:
Robin en Suzy

21 juli:
Belgen in Thailand

22 juli:
Mighty Mekong

23 september:
Dames in watervallen

----------------------------------
De volgende verhalen staan op pagina 2

----------------------------------

Wij zijn terug in Thailand

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

14 maart : Thuiskomen op reis

We zijn er! Het grote avontuur is eindelijk begonnen. Na al dat geregel in Belgie dachten we al bijna dat het nooit meer zou komen...

Maar zondag 12 maart was het dan eidelijk zover. Om 18u45 steeg ons vliegtuig op richting Londen. In londen moesten we dan overstappen op het vliegtuig richting Hong Kong. Dus eigenlijk zou ik nu ook al iets moeten schrijven op de pagina van Hong Kong, maar we zijn daar maar zo kort geweest dat ik er echt niets kan over vertellen. Ons vliegtuig uit Londen is met vertraging toegekomen en we hadden normaal gezien al maar 50 minuten om over te stappen op het vliegtuig naar Bangkok. Die 50 minuten werden er dus 35 en omdat ze in Hong Kong de gate 20 minuten voor vertrek al sluiten gaf ons dat welgeteld 15 minuten om van gate 33 naar gate 3 te koersen. Goed dat er een piepklein chinees hostesje ons stond op te wachten om ons de weg te wijzen, want zo hebben we de vlucht toch nog net kunnen halen.

Wij hadden dat vliegtuig dus, maar in Bangkok bleek dat onze bagage niet zo snel kan lopen als wij en dat onze beide rugzakken pas op het volgende vliegtuig zouden zitten. Om heel eerlijk te zijn waren wij daar wel een beetje blij om, want daardoor moesten wij niet met 40 kilo lopen zeulen door Bankok. De zakken zijn een aantal uur later - om 4 uur 's nachts om precies te zijn - met een busje van de luchthaven naar onze kamer gebracht.

Maar alles is dus in orde, niemand hoeft zich nu nog zorgen te maken, we zijn veilig toegekomen ... En het is heerlijk om terug te zijn! Toekomen in Thailand voelt voor mij toch nog steeds een beetje thuiskomen. Het voelt zo vertrouwd, zo rustig en zo lekker warm als een goed oud deken waar je je eens in de zoveel jaar in nestelt en je verwonderd afvraagt hoe het komt dat de mot er nog steeds niet in zit.

Nu moet ik in alle eerlijkheid wel toegeven dat we er momenteel nog niet zo veel van hebben kunnen genieten want we zijn allebei nog steeds doodmoe van de laatste weken in Belgie, de vermoeiende vliegreis en de onrustige eerste nacht. Daar komt dan nog eens bij dat we door de warmte (35 graden) en smog van Bangkok allebei een zwaar hoofd hebben. Gelukkig dat een duik in het zwembad zo nu en dan ons echt kan afkoelen...

We weten nog niet waar we morgen zullen zijn (Nakhon Ratchasima? Koh Chang? toch nog een dag Bangkok? ...), maar we genieten ervan en we kunnen alleen maar hopen dat jullie dat ook doen.

stuur ons een berichtje                                                                                                     terug naar boven 
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

19 maart: Snorren in de hitte

Het is Nakhon Ratchasima (Khorat) geworden! De 15e hebben we een bezoek gebracht aan de ambassade van Myanmar en daar bleek dat je je visum pas kan aanvragen als je een ticket met een nummertje hebt. En die tickets zijn niet zomaar te krijgen... daarvoor moet je vroeg opstaan en om 7:30 aan de ambassade staan, daar een paar uur wachten en dan hopen dat je geluk hebt, want er worden maar 30 nummers per dag uitgereikt, dus de kans bestaat dat je zelfs pas een nummer voor de volgende dag of die daarna kan krijgen! Dat was toch net iets te veel van het goede dus besloten we een paar euro meer uit te geven en ons visum te laten regelen door een tour operator. Dan konden wij met een gerust gemoed genieten terwijl iemand anders voor ons de papierhandel regelde. Maar daarmee hadden we nog steeds niet beslist wanneer we naar Myanmar zouden gaan en wat onze volgende stop in Thailand zou worden, al waren die keuzes snel gemaakt. We willen allebei zo snel mogelijk iets totaal nieuw zien en we moesten daarvoor toch nog een goedendag komen zeggen aan de mensen in Khorat (de stad waar ik een jaar als uitwisselingsstudent gewoond heb, nu alweer tien jaar geleden!) dus besloten we om naar Khorat te gaan terwijl ons visum geregeld werd omdat we toch niet konden reizen zonder paspoort. Normaal gezien zouden we hier slapen bij mijn gastfamilie, maar omdat het daar al huisje vol was zijn we ontvangen door Boonpen, mijn leerkracht engels en mijn counsellor van destijds. We kregen daar zelfs een kamer met airco - een die ze speciaal voor ons nog snel was gaan kopen - en een scootertje ter beschikking. Dus nu snorren we vrij door het warme warme (meer dan 35 graden) provinciestadje en om heel eerlijk te zijn: we hebben onze dagen tot nu toe vooral gevuld met zwemmen, eten en door shoppingcentra lopen, die zijn namelijk airco!!! Niet echt wat je verwacht van een mega reis naar Azie, maar wel ideaal om uit te rusten en op te laden voor de grote trek door Myanmar. We zijn eergisteren gaan dineren bij mijn gastfamilie en zijn daar weer uitermate gastvrij ontvangen. Toen Mei (de mama) hoorde dat onze ouders op bezoek kwamen heeft ze hen meteen al uitgenodigd voor een diner... dus lieve mensen: verheug jullie al maar op een echt thaise maaltijd bij een echt thaise familie (op de grond, zoals het hoort!). 

Op dit moment zijn we onze laatste uurtjes in Khorat aan het doorbrengen, straks gaan we nog even goeiedag zeggen aan iedereen en daaarna vertrekken we terug naar Bangkok. Dinsdag vertrekken we dan op avontuur naar Myanmar. Hoe de internetverbindingen daar zullen zijn is ons nog onduidelijk dus misschien is het wel nog even wachten op het volgende nieuws, maar geen nieuws is goed nieuws he! Alhoewel tof nieuws nog beter is waarschijnlijk :-)

Oh ja, voor ik het vergeet, we hebben een thaise sim kaart gekocht. Ons netwerk heet Happy! Daarvoor moet je in Thailand wonen, om zo'n naam te bedenken, dat is toch wat leuker dan Proximus of Base, he. We zijn vanaf nu dus bereikbaar op 01-401 96 35. De belgische kaart van lieve zit nog steeds in haar gsm, dus in noodgevallen kan zij ook smsjes ontvangen.

Er staan nog geen foto's op de site omdat we er nog niet veel hebben, maar het is beloofd, ze komen er aan, nog een paar weekjes geduld...

Een speciaal woordje voor alle mensen die ons al een berichtje gestuurd hebben! Het is zo leuk om nieuws te krijgen vanuit Belgie, dus ook al heb je niet veel te vertellen, alles is nieuws voor ons, vertel maar op! Dank u wel voor alle toffe berichtjes die we al gekregen hebben.
Blijf genieten van het leven en als het ons lukt sturen we wat van de warmte op, we hebben er hier toch te veel...

stuur ons een berichtje                                                                                                     terug naar boven 
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

28 april: Het leven door een roze (duik)bril

We zijn alweer een tijdje terug in Thailand, maar hebben het zo ontzettend druk gehad dat we geen tijd hadden om berichten te sturen :-) Neenee, drukte is dit jaar even niet aan ons besteed, we zaten op een paradijslijk eiland en internetten was daar zo duur dat dat echt geen optie was.

Maar laat ik eerst beginnen bij het begin: De dag na het vorige berichtje zijn we terug in Thailand toegekomen, aan de vooravond van Songkran, het boeddhistische nieuwjaar. Voor Songkran wilden we zeker in Khorat (NakhonRatchasima) zijn, want dat is het grootste thaise feest en zeker het feest dat je met vrienden en familie viert. Mijn gastouders zouden er niet zijn, dat wisten we, maar Boonpen (mijn counsellor van destijds) en mijn vrienden wel, dus dat was zeker reden genoeg om de trip te rechtvaardigen. Songkran valt op het warmste moment van het jaar en wordt misschien daarom ook uitbundig gevierd met water. Als teken van respect besprenkel je ouderen en mensen die je respecteert met water en zij beantwoorden dat eerbetoon dan door jou met water te besprenkelen. En eens dat dat formele gedeelte achter de rug is begint een heus watergevecht. Door de alle straten rijden pickup trucks rond waarop mensen staan die iedereen en mekaar nat spuiten en langs de kant van de weg staan mensen klaar met grote tonnen water om alle mensen op de auto's nat te maken. Het is echt een ongelooflijk groot watergevecht dat het hele land gedurende drie dagen volledig in de ban heeft. En bij temperaturen van om en bij de 40 graden is dat echt het beste dat je kan doen. Maar het mooie is dat het wel in basis draait om respect en erkentelijkheid voor elkaar. Tijdens die dagen begroet je mekaar door met water te gooien en een soort kalk op elkaars wangen te smeren om elkaar "chok dee" of "het ga je goed" te wensen. En dat is ook de reden waarom iedereen het feest wil vieren bij familie en vrienden. Het resultaat daarvan is dat Bangkok gedurende die dagen leegstroomt en dat er overal massaopstoppingen zijn door de auto's die op weg naar huis zijn en vast raken tussen de feestvierders. Op sommige plaatsen hebben auto's bijna 12 uur in de file gestaan! Gelukkig hebben wij daar bitter weinig last van gehad en hebben we rustig kunnen genieten van het feest zelf. Chun, een van mijn beste vrienden, had ons uitgenodigd om bij zijn familie langs een van de grote straten van Khorat te komen staan, een aanbod dat wij met plezier aangenomen hebben. Een dag lang doornat worden en in het wilde weg iedereen met water bekladden, tussendoor even bekomen, wat eten of drinken, en weer ten strijde trekken... Het is een unieke belevenis. We zijn alweer heel heel blij dat we dit hebben kunnen meemaken.

We hebben maar een dag Songkran gevierd omdat we terug in Bangkok wilden zijn voor de grote terugkeer begon. En we wilden ook maar al te graag naar het zuiden trekken om Koh Tarutao (het eilandje onder de a van Hat Yai op het kaartje) te leren kennen. Dat hadden we de vorige keer links laten liggen en stond nu heel hoog op ons verlanglijstje. Koh Tarutao is een eilandengroep die tot nationaal park gemaakt is om de zeer ongerepte natuur (zowel op het eiland als onder water) te beschermen tegen de grote expansie die toerisme jammer genoeg met zich meebrengt. En Tarutao is een prachtvoorbeeld van hoe een natuurpark gerund moet worden. Na zestien uur bus en een uurtje boot stonden we op Koh Tarutao, het grootste eiland van de groep, en wat we zagen ontgoochelde in eerste instantie een beetje: de omgeving van het ranger station had meer weg van Hengelhoef dan we ons hadden voorgesteld. We hebben een nacht geslapen in een hutje op het hoofdstrand (bij het ranger station) en dan hadden we het er echt wel gezien en wilden we iets meer wilde natuur. Wat verder op het eiland, 8 kilometer van aanlegsteiger, lag Ao Sone, een strand met welgeteld drie hutjes en een mini ranger station annex restaurant. Dat was meer wat we ons ervan hadden voorgesteld, een hutje onder de bomen, op het strand, met de wilde bossen op een meter achter ons. We waanden ons in het paradijs... althans voor eventjes, want na twee nachten vonden we de wilde natuur toch net iets te wild. Onze benen zagen er uit alsof de muggen er wereldoorlog I en II op hadden nagespeeld! Bovendien regende het er vanaf drie a vier uur s middags ononderbroken tot een stuk in de nacht (daarom heet het regenwoud zeker?!), dus heel veel zwemmen zat er ook niet echt in. En ons hutje had ook niet meteen veel in huis om ons binnen bezig te kunnen houden: een houten kubus op palen, net groot genoeg om een dubbel bed in te zetten en een muggennet op te hangen (dat bij nader inzien niet veel effect had); de douche was in open lucht op het strand en de wc was in het ranger station. 

Op onze derde dag zijn we dan vertrokken met de boot naar Koh Lipe, een eilandje dat twee uur varen van Tarutao ligt en waar we alleen maar lyrisch over kunnen zijn... Koh Lipe maakt deel uit van de eilandengroep van Koh Tarutao, maar omdat er een minderheidsgroep van Chao Ley (zeezigeuners) op woonde is het niet mee opgenomen in het natuurpark. Dat zorgt ervoor dat zij op het eiland wel redelijk vrij kunnen doen en laten wat ze willen, mits enige beperkingen natuurlijk omdat ze midden in het natuurpark liggen. Maar op Koh Lipe is dus wel iets beter accomodatie te vinden voor dezelfde prijs als op Koh Tarutao en het is ook makkelijker om van daaruit de rest van het natuurpark te verkennen. Natuurlijk met het nadeel dat er iets meer toerisme is en iets meer ontwikkeling, al is dat ook nog zeer miniem, straten zijn eerder veldweggetjes zonder wegbedekking, het dorp is zo groot als een zakdoek, er is geen electriciteit, enkel een aantal generators zorgt ervoor dat er na zonsondergang een beetje licht is, toeristen zijn duidelijk aanwezig, maar hun aantal overstijgt het aantal van de plaatselijke bevolking nog niet. En ik zeg nog niet, want het is wel al duidelijk dat het eiland de komende jaren zal blijven groeien en dat het grote toerisme wel zal komen. En preciers daarom is het goed dat de andere eilanden tot natuurpark zijn uitgeroepen. Maar zoals ik al zei, Koh Lipe is een prachteiland. Paradijslijk witte stranden, azuurblauwe zee en adembenemende koraalriffen... Voor het eerst in ons leven zijn we ons bewust geworden van de pracht van de onderwaterwereld. We hadden daar wel al foto's van gezien of zelfs videobeelden, maar om al die tropische vissen en prachtige koralen op een paar meter (of minder) van u te zien is toch nog iets heel anders. Het is net als zwemmen in een tropisch aquarium. Blauw-gele, rode, diepblauwe, wit-zwarte, knalgele, wit-blauw gestreepte vissen, van 1 centimeter klein tot een halve meter groot, fel blauwe zeesterren, scholen van wel honderd kleine visjes die rond u komen zwemmen en de zuurstof van u komen plukken, oesters van een halve meter diameter, en grote kreeft en zelfs een statige rog van 1 meter breed... we waren sprakeloos... zeker omdat ik al heel mijn leven dacht dat snorkelen niets voor mij is met mijn trommelvliesproblemen, maar blijkbaar was dat al te veel doemdenken en kan ik wel onder water zwmmen. Heerlijk! Nooit hadden we het voor mogelijk gehouden dat we er alweer een nieuwe passie bij zouden krijgen. Het enige pijnpuntje van ons uitstapje was dat we er s avonds als twee gekookte kreeften uitzagen! Onze ruggen waren knalrood verbrand door de hele dag in de zon op het water te drijven. Het heeft drie dagen geduurd voor onze rug weer normaal begon aan te voelen... Maar die dagen hebben we goed gebruikt om de reis wat verder te plannen en de rest van het natuurpark (boven water) te verkennen. En ook dat loonde zeer de moeite, want naast prachtig regenwoud hebben we ook een troep apen, een bende wilde zwijnen, hagedissen in alle soorten en maten (tot anderhalve meter!), en vooral heel veel prachtige vlinders gezien.

Bovendien weten we nu ook hoe onze planning voor de volgende maand eruit ziet: we zitten nu in Hat Yai, morgen vertrekken we voor een paar dagen naar Singapore en van daar gaan we met de boot naar Indonesie voor een maandje. Daarna gaan we waarschijnlijk naar Maleisie en daarna keren we terug naar Thailand om ons eerste bezoek te ontvangen...

We houden jullie op de hoogte van ons heerlijke leventje! Dank je wel aan iedereen die ons ook op de hoogte houdt van hun leventje, we vinden het echt heerlijk om nieuws uit Belgie te krijgen.
Het leven is te mooi om niet intens geleefd te worden, geniet van elke dag!

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

14 juni: Kunst op Bali, sanuk in Thailand

We zijn uit Jogja vertrokken richting Bali in de hoop daar rust te vinden en weer op te laden om ons grote avontuur voort te zetten. Maar de aardbeving heeft ons echt veel meer parten gespeeld dan we voor mogelijk gehouden hadden. We hadden echt niet veel fut om er op uit te trekken en te ontdekken wat Bali voor ons in petto had. We hadden duidelijk vooral tijd nodig om te bekomen. In Ubud vonden we een afgelegen hotelletje met een zwembad (we waren de enige gasten op en bepaald moment) en na twee dagen opgelegde rust hadden we toch weer genoeg energie gevonden om de twee mooiste tempels rond Ubud te bezoeken. Jammer genoeg viel Ubud zelf ons wat tegen want het was er zeer toeristisch. Maar we hebben wel even kunnen zien dat we Bali toch nog een tweede kans moeten geven. Ondanks de vele toeristen is en blijft het een zeer mooi eilandje. De mensen zijn zeer vriendelijk (waar niet in Azie?) en vooral, ze hebben een enorm oog voor kunst. In het Balinees bestaat er geen woord voor kunst omdat ze kunst zo vanzelfsprekend vinden dat ze het niet benoemen. Alles wat ze doen wordt gedaan met een oog voor detail en schoonheid, gaande van het presenteren van je maaltijd, over het samenstellen van offergaven in de tempels en de huisschrijntjes tot de versiering en indeling van de tempels en paleizen zelf. Het voelt bijna als wandelen in een promofilmpje met mensen die elke ochtend kleine mandjes van bananebladeren voor het huis en op de beelden plaatsen om de goden gunstig te stemmen. We hebben meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om een aantal traditionele dansvoorstellingen bij te wonen. Dat is niets vergeleken bij onze wals of chacha, maar we hebben ervan genoten!

Na vier dagen Balinese rust moesten we terug vertrekken om op tijd het land uit te zijn. De douane van Indonesie kan er naar het schijnt niet echt mee lachen als je een dag langer blijft dan je mag. Dus exact op de 30e dag zijn we op de boot naar Singapore gestapt. Vanuit het rommelige, hartelijke, aziatische Indonesie kwamen we het geordende, koele, westerse Singapore binnen. Het contrast kan niet groter zijn! Tussen twee haakjes, geef ons toch maar het eerste, wij houden wel van iets meer rommel en openhartigheid. Maar Singapore heeft het grote voordeel dat het zo gemakkelijk is: de metro die je overal brengt waar je wilt zijn, alle luxe van thuis binnen handbereik en voor een redelijke prijs,... zeer geschikt om een paar dagen op te laden, lekkere pasta te eten, supersnel internet te hebben, naar de film te gaan (dat was al weer meer dan drie maand geleden!), en ons visum voor Thailand te regelen. Maandagmiddag konden we ons visum afhalen en maandagavond stonden we al terug in Bangkok, we konden niet wachten om terug te zijn.

Het weerzien was al meteen weer goed: onze taxichauffeur was een soldaat die na zijn uren met een taxi reed om zo genoeg te verdienen om rond te komen. Zijn vrouw is drie jaar geleden plots overleden en hij is alleen achter gebleven met drie kinderen. Die lieve man heeft de hele weg (een uurtje) gebabbeld en gelachen, het was een van de vrolijkste mensen die ik al ontmoet heb. Dat typeert net de thaise mentaliteit: wat ook je situatie is, je moet er het beste van maken. In het Thai bestaat er een woord "sanuk" hetgeen ongeveer hetzelfde betekent als "plezant". Thai zijn van mening dat alles in het leven in zekere mate sanuk moet zijn. Niets is erger dan iets te doen dat niet sanuk is en iedereen zal er steeds voor zorgen dat een minder aangename klus toch nog sanuk wordt. Die positieve ingesteldheid weerspiegelt zich ook in de eeuwe Thaise glimlach, want wat is er meer sanuk dan te lachen?! En het is een van de zovele redenen waarom wij zo zot zijn van Thailand. Onze taxichauffeur vond het duidelijk heel sanuk dat er die avond twee thais sprekende westerlingen in zijn taxi waren gestapt. Naarmate we dichter bij onze bestemming kwamen bleek steeds meer dat er iets aan de hand was in de stad: overal vlaggen en alle grote gebouwen versierd met lichtjes. Wat bleek, het was inderdaad feest, omwille van de 60-jarige troonsbestijging van de koning! Wij komen duidelijk altijd naar Bangkok als het feest is... Na een telefoontje naar mijn gastfamilie van destijds bleek dat we daar konden blijven slapen en dus konden we het feest gisterenavond mee beleven met een echte koningsgezinde familie. De TV heeft de hele avond op de uitzending van de protocolaire ontvangst gestaan (een beetje tegen de zin van mijn gastvader die liever naar de voetbal wou kijken), we hebben zelfs onze eigen prins Filip en prinses Mathilde gezien.

Vandaag en de komende paar dagen staan volledig in het teken van de komst van ons eerste bezoek (waar we allebei erg naar uitzien!): binnen anderhalve week staan we in Bangkok klaar als twee volleerde reisgidsen om de ouders, zus en schoonbroer van Lieve te ontvangen. En geloof me vrij, er komt heel wat geregel bij kijken, hotelletjes boeken, activiteiten vastleggen,... gelukkig doen we dat graag. Dit weekend vertrekken we dan uit Korat om nog heel even iets te bezoeken (wat is nog niet beslist) en dan terug naar Bangkok.

Het volgende verslag kan misschien wel even op zich laten wachten als we het echt te druk hebben met gidsen, maar we proberen min of meer bij te blijven met mailen. Dus iedereen, aarzel niet om in de pen te kruipen, wij vinden het zeer leuk om jullie verhalen te lezen en we zijn heel blij dat jullie nog steeds trouw blijven schrijven!

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

20 juni: Robin en Suzy

Nog maar goed een week geleden sinds het vorige verslag... En ik zei nog wel dat dit verslag misschien wel wat op zich zou laten wachten... Maar er is ook al weer het een en ander gebeurd op die week tijd.

De avond nadat ik het vorige verslag gepost heb komen wij de oprit van mijn gastfamilie opgereden en we zien dat mijn gastvader druk bezig is de karaokeinstallatie klaar te zetten. Dat kan maar een ding betekenen: bezoek! En inderdaad, we verwachten zo maar eventjes 25 mensen omdat hij net promotie gekregen heeft. Wij werden meteen naar de kamer gestuurd met de opdracht ons te wassen en 'mooi' te kleden omdat het bezoek ieder ogenblik kon toekomen. Vraag eens aan twee trotters om zich mooi te kleden! Wij hebben niet eens deftige kleren bij, maar een hemdje aantrekken (ik dan) en wat schmink op doen (Lieve dus) en we zagen er al heel wat feestelijker uit. Een half uur nadat wij thuis gekomen waren zag het huis er al helemaal anders uit, de catering was toegekomen, er waren tafels en stoelen bijgezet en de eerste gasten waren er al. Dus konden wij gezellig aanschuiven en mee genieten van de goede sfeer, het lekkere eten en natuurlijk de karaoke! Eerlijk toegegeven, karaoke is best wel sanuk, zeker als je je een beetje durft laten gaan, en daar hebben Thai zeer weinig moeite mee. Er werd gegeten, gelachen en gezongen en gedanst, zelfs wij hebben een danspasje gezet, tot grote vreugde van iedereen natuurlijk, niet in het minst van onszelf: we zijn het nog niet vergeten! Wij hebben die nacht iets minder geslapen omdat de karaoke tot in de vroege uurtjes is doorgegaan, maar dat namen we er echt graag bij! Zeker omdat we wisten wat ons de volgende dag te wachten stond: naar de garage om onszelf eigenaar te maken van twee scootertjes! Na uitgebreid onderzoek bleek dat het een veel betere deal was om twee nieuwe scootertjes te kopen en die binnen zes maanden terug te verkopen dan om nu al tweedehands te kopen. Dus wij vrolijk en blij met alle nodige papieren naar de Honda garage en een uurtje later konden we al met ons eerste scootertje wegrijden. We konden maar net genoeg geld afhalen om een scootertje te kopen dus de dag nadien mochten we de hele procedure opnieuw doen en konden we elk op ons eigen scootertje rondrijden. We kochten een blauw en een oranje scootertje en doopten onze schatten intussen al tot Robin en Suzy (aan jullie om te raden welk kleur bij wie past en welke naam bij welke scooter...)

Voordat ons eerste bezoek komt wilden we graag nog heel even iets gaan bezoeken, omdat we de laatste weken niet echt veel bezocht hebben en natuurlijk ook omdat we de scooters graag al even wilden inrijden. De keuze was vrij snel gemaakt: naar het oosten, naar de schitterende Khmer-monumenten. De twee grootsten hadden we al gedaan dus ging de reis richting de kleine tempeltjes die verspreid liggen tussen de rijstvelden van Buriram, een prachtige setting voor een paar dagen heerlijk motorplezier. Niet dat de rit er naartoe op zich zo boeiend was, want het was vooral langs vrij grote wegen, maar het was wel een ideale baan om Suzy en Robin in te rijden. Aan het eind van de rit wachtte ons een warm onthaal in een klein hotelletje bij mensen thuis en, alsof het lot ermee gespeeld heeft, we vielen weer met ons gat in de boter want we konden die avond aanschuiven voor een feestmaal omdat er net een trouwfeest plaatsvond op de binnenplaats van het hotel. Een vroegere gast van het hotel trouwde met een nicht van de eigenares en zo konden wij getuigen zijn van een thais trouwfeest, het eerste voor Lieve. We hebben ook daar weer genoten van het eten, de onvermoeibare karaoke en het gezelschap, de westerse vrienden van het koppel. De volgende ochtend wachtte ons een heerlijke rit langs kleine wegen door de rijstvelden op zoek naar de paar kleine Khmer tempeltjes die we nog niet gezien hadden bij ons vorig bezoek. De tempeltjes waren op zich niet echt de moeite, maar de combinatie van heerlijke zon, prachtige landschappen, vriendelijke mensen en leuke ruines maakten het een enorm leuke daguitstap en moe maar zeer voldaan konden we na een noedelsoepje ons bed opzoeken. De volgende dag zijn we terug naar Khorat gereden en nu zijn we druk druk druk bezig met de allerlaatste voorbereidingen, planning op punt stellen, hotels reserveren, doos met souvenirs inpakken,... we weten ons wel bezig te houden! Voorlopig blijven Suzy en Robin dus even op stal staan en gaan wij onze rossen ruilen voor een groter vervoersmiddel.

Aan iedereen die ons nog steeds blijft bestoken met mailtjes, doe zo voort, ze doen ons heel veel plezier!

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

21 juli: Belgen in Thailand

Onze eerste twee bezoeken zijn achter de rug en dus hebben wij weer even tijd om jullie weer een update te geven van onze belevenissen in dit heerlijke land!

23 juni, 4 uur 30 's morgens, een onmenselijk vroeg uur en wij zijn al uit de veren om Albert, Arlette, Barbara en Timo (ouders, zus en vriend van zus van Lieve) welkom te heten in Thailand. Een uurtje later staan we al op de luchthaven, een half uur voordat we er eigenlijk wilden zijn, maar we hadden geen rekening gehouden met het (ontbreken van) verkeer op dit uur van de dag. Om iets na zes zien we dat het gezelschap veilig geland is en een heel lang uur wachten later kunnen we ze eindelijk welkom heten. Al heel snel blijkt dat de trottertjes bitter weinig geslapen hebben op het vliegtuig en dat ze het wel wat lastig hebben met de alles omvattende thaise hitte. Je kan nog zo veel keer schrijven hoe warm het hier eigenlijk is, maar graden zeggen zo weinig! Terwijl we geld staan af te halen in het luchthavengebouw maakt Barbara als eerste een opmerking over de hitte; ze kunnen nauwelijks geloven dat ze op dat ogenblik nog in de airco staan! Even later verlaten we de terminal en de gezichten die ze trekken op het moment dat ze echt geconfronteerd worden met de zware, broeiend hete lucht van Bangkok zijn onvergetelijk. Zelfs wij, die er stilaan aan gewoon zijn, moeten nog altijd even slikken als we zo'n bruuske overgang van airco naar non-airco hebben. In ieder geval is het duidelijk dat het geen zin heeft om ze die dag nog te laten kennis maken met het prachtige Koninklijk Paleis en dus besluiten we om na een verplichte rust van een paar uur Wat Pho te bezoeken. De tempel Wat Pho huist de grootste liggende boeddha ter wereld, een slordige 46 meter lang, de grootste collectie boeddhabeelden (394 om precies te zijn) in een tempel in Thailand en vooral de befaamde Wat Pho Traditional Massage School!Tijdens hun rondleiding door de pracht en praal van de tempel maken ze voor het eerst kennis met wat wij de 'Buddhist fun area' noemen: een plaats waar je op bellen en gongen mag slaan, met muntjes mag gooien, met stokjes rammelen om je toekomst te voorspellen,... enfin alles wat lawaai maakt en leuk is om te doen voor mensen die nog steeds het kind in zichzelf naar boven kunnen halen. Het brengt allemaal in enige mate geluk of iets dergelijks, maar in de eerste plaats zien Thai het ook eerder als iets dat het tempelbezoek nog wat aangenamer maakt. Op het moment dat we rustig een paar fotos staan te maken voelen we de eerste druppels van de moessonregen op onze neuzen vallen en terwijl we spurten naar de massageschool barst de hel los. We zijn net op tijd bij de school om niet volledig doorweekt te zijn en dus we kunnen een uurtje in alle droogte genieten van een massage. Thaise massage is een combinatie van accupressuur, massage en 'passieve yoga' waarbij de masseur vingers, handpalmen, ellebogen, knieen en voeten gebruikt om je energielijnen te prikkelen en je spieren losser te maken. Het is een heerlijke, half onspannende half inspannende belevenis die elke bezoeker aan Thailand eens moet meegemaakt hebben. Terwijl wij alle zes in meer of mindere mate liggen te genieten van een echte traditionele thaise massage lijkt het alsof ze in de hemel alle sluizen hebben opengezet. Gelukkig is het tegen de tijd dat wij murw gemasseerd zijn gestopt met regenen en kunnen wij de terugtocht naar het hotel aanvatten. In het komen hadden we de ferry genomen over de rivier, maar op de terugweg wilden we onze gasten op een tuktukritje trakteren. Dus na wat onderhandelen over de prijs zitten we even later per drie in een tuktuk, iets wat ze gerust aan de attracties van het een of andere pretpark zouden mogen toevoegen, want soms heeft een tuktukrit heel veel weg van een achtbaan! We zijn in ieder geval veilig op onze bestemming geraakt en kunnen 's avonds met veel smaak genieten van het diner ter gelegenheid van de verjaardag van Albert. We hadden vooraf een tafel gereserveerd in een gezellig restaurantje en dus kunnen we onze voeten onder de tafel schuiven en op het gemak het thaise smakenpallet tot ons laten doordringen terwijl de jarige zijn kaartjes en cadeautje openmaakt. We kunnen de avond met een rondgevld buikje en een goed gevoel afsluiten.

Dag twee van de fantastische rondreis door Thailand belooft druk te worden. Bij het ontbijt hebben we natuurlijk uitgebreid tijd gepland om mijn verjaardag te vieren en vooral een lekker stukje echt belgische cake te verorberen! Jammie jammie, ik voel mij toch wel een beetje jarig zo en ik vergeet er even door dat ik nu al een gezegende leeftijd bereikt heb... zolang ge maar jong van geest blijft geeft dat niet zeker?! In ieder geval geniet ik er van en even later staan we allemaal klaar om nu dan toch het schitterende Koninklijk Paleis et bezoeken. Het is al weer uitermate heet als we daar toekomen maar dat kan de pret voorlopig nog niet bederven. Zeker als zowel Arlette als Albert kleren moeten huren omdat de kleren die ze aanhebben (een driekwart broek) 'ongepast' is. Albert krijgt zich een niet al te nieuwe thaise lange broek aangemeten en Arlette moet zich in een sarong hijsen... hilariteit alom natuurlijk, maar we zijn klaar om de pracht en praal tot ons te laten doordringen. In ieder geval, we dachten dat we er klaar voor waren, want al snel blijkt dat de hitte echt alomtegenwoordig is en dat onze belgische gasten daar toch niet zo goed tegen kunnen. Gelukkig is het paleis overweldigend genoeg om ze toch nog enthousiast te krijgen en zo kunnen we samen genieten van de pronkerigste tempel aller tempels. Overal goud en blinkeringen, hoe meer het straalt en schittert hoe beter. En schitteren doet het! De tempel wordt permanent gerenoveerd, altijd zijn ze wel iets aan het oplappen om er voor te zorgen dat de toeristen alles in zijn grandeur te zien krijgen. En dan te bedenken dat het centrale beeld van de tempel, een van de meest vereerde beelden in Thailand, een luttele 70 centimeter hoog is. Je ziet hem amper staan, hoog op zijn altaar van blinkend en schitterend goud. Het doet mij altijd een beetje aan Manneke Pis denken, alleen dat het Thaise beeldje veel veel meer devotie opwekt... Maar zoals ik al zei, de hitte speelde iedereen parten en na twee uurtjes was iedereen bekaf en klaar om in de koelte van het hotel een middagmaal te verorberen en ons voor te bereiden op de grote rondrit. Een paar uur later staan we dan ook allemaal te popelen aan het autoverhuurbedrijf om te weten met welke camion we zullen rijden. We hadden een minibusje voor 12 peronen geregeld vanuit Belgie. Lieve en ik stelden onszelf de voorbije maanden steeds als we een minibusje zagen dezelfde vraag: 'Zou het hierop lijken of zou het kleiner zijn?' Onze stoutste verwachtingen zouden overtroffen worden, want even later stapten we af op een op het eerste zicht enorme minibus met vier rijen banken! Aan plaats geen gebrek en dus installeerde iedereen zich lekker terwijl ik plaats nam achter het stuur van de mastodont. Gelukkig blijkt de wagen in rijgemak en comfort veel beter mee te vallen dan op het eerste zicht leek, waardoor we zelfs amper last ondervinden van het feit dat we Bangkok moeten uit rijden. De grote rondrit is eindelijk begonnen, het Thaise avontuur lacht ons toe en wij lachen vrolijk terug vanuit de heerlijke koelte van de airco in de auto.

De eerste etappe brengt ons tot in Khao Yai, het grootste intacte stuk tropisch regenwoud van Zuid-Oost Azie. We slapen in een klein guesthouse waar we met de grootst mogelijke warmte ontvangen worden, een overheerlijke maaltijd voorgeschoteld krijgen en, misschien wel het meest belangrijke van al, van waar we met een overenthousiaste, warme en lieve gids Pie Naai het nationaal park in trekken. Ik moet eerlijk toegeven, het is een openbaring! Tot noch toe had ik eigenlijk voornamelijk interesse gehad in de enorm rijke cultuur van Thailand, waardoor ik de natuurpracht wat uit het oog verloren was. Maar nu ben ik een fan, Khao Yai is fenomenaal! Gekleed in lange broek en overkousen tegen de bloedzuigers zijn we klaar om de wildernis in te trekken. En lang moeten we niet wachten op de eerste ontmoeting met loslopend wild, want de aapjes laten zich al vrij snel zien. Even later zien we ook een leguaan en een reuze eekhoorn, maar ook de kleinere dieren zoals spinnen van een hand groot en vlinders in alle kleuren en maten zijn van de partij. En even later wordt het duidelijk voor welk dier Pie Naai een zwak heeft: vogels in het algemeen en neushoornvogels in het bijzonder. Zonder enige moeite beantwoordt hij de roep van tientallen vogels en van tijd tot tijd houdt hij halt, neemt zijn verrekijker uit en zoomt in op iets waar wij in eerste instantie niets zien. Pas als ook wij door zijn verrekijker kijken zien we wat we niet zagen: een specht in zijn holletje of de een of andere tropische felgekleurde vogel (ik ken hun namen echt niet). Ongelooflijk dat hij dat ziet! Wij zien het zelfs niet als we weten waar we naar moeten kijken! En dan plots gebaart Pie Naai ons dat we stil moeten zijn. We staan stokstijf en afwachtend te luisteren en even later zien we boven onze hoofden twee grote neushoornvogels overvliegen. Met een grootte van ongeveer anderhalve meter en een spanwijdte van bijna het dubbele zijn het echt een indrukwekkend zicht. Even later hebben we het grote geluk om (door de kijker) een groep van deze statige vogels in de top van een boom te zien zitten. Prachtige vogels. Terwijl we midden in de jungle volledig versteld staan van die wondere wereld valt de eerste regenbui van de dag op ons neer. Gelukkig hebben we regenjassen bij en zijn we niet ver van onze schuilplaats en ons middageten verwijderd. Vanuit de uitkijktoren waar we halt houden kunnen we nog een wilde hond observeren (lijkt meer op een vos dan een hond). De namiddag brengt ons nog naar een waterval en 's avonds begint de grote zoektocht naar olifanten. In Kao Yai leven nog zo'n 200 tot 300 wilde olifanten en rond valavond zijn die het meest actief. We rijden de wegen van het woud af in de hoop een van die kolossen te zien, maar zien uiteindelijk niet veel meer dan de sporen van een kudde die even daarvoor langsgekomen was. Wat we wel zien is een python van meer dan twee meter lang die ligt te genieten van de warmte die het asfalt nog afgeeft. En dan plots, nog geen kilometer voordat we het park verlaten, zien we een kolos van een mannetje grazen aan de kant van de weg. We springen de auto uit om het beest van dichtbij te bekijken maar worden door onze geschrokken gids terug geroepen omdat je nooit weet hoe een olifant zal reageren en kwade olifant kan je beter vermijden. Dus vanuit de auto bewonderen wij deze kolos die zonder moeite hele bossen bamboe naar binnen werkt. Moe maar zeer voldaan kunnen wij na een heerlijk avondmaal ons bedje opzoeken.

De reis brengt ons verder naar Khorat, waar we tijdens het diner bij mijn gastfamilie genoten hebben van een traditionele pikante thaise maaltijd en een echte thaise karaoke en waar we voor het eerst thaise gefondued hebben met mijn counsellor. Van Khorat rijden we naar de Khmer heiligdommen Prasat Hin Phanom Rung, Prasat Phanom Wan en Prasat Hin Pimai, van waar we doorrijden naar het natuurpark Nam Nao, waar we geen olifanten, maar wel veel sporen van olifanten zagen. Uit Nam Nao rijden we via de tempels in Phitsanulok en Phrae Chiang Mai tegemoet (ik kan helaas niet de hele reis in detail bespreken, want dan zit ik hier volgende week nog, dus voor diegenen die er echt alles over willen weten, contacteer de familie Meere voor een uitgebreid verslag...).

Na een paar dagen en ettelijke kilometers komen we toe in Chiang Mai, aan de vooravond van wat voor ons het hoogtepunt van de reis zal worden. Op het programma staat, op algemene aanvraag van Barbara, een dagje opleiding tot mahoot (oftewel olifantenmenner). We zijn alle zes even benieuwd over wat de dag ons zal brengen. Eens we in Maesa Elephant Camp zijn toegekomen blijkt dat we waarschijnlijk niet teleurgesteld zullen worden. Nadat we ons in de traditionele mahoot kleren hebben uitgedost krijgen we een echte vip behandeling. Er zijn plaatsen voor ons gereserveerd tijdens de olifantenshow, we krijgen iets te drinken als we daar nood aan hebben, worden via een speciale uitgang van de show weggeleid om niet tussen de andere toeristenstroom te zitten en worden de hele dag door omringd door 8 mensen die niets liever doen dan ervoor te zorgen dat wij het goed hebben. En dan na de show begint het echte avontuur: we worden naar een grasveld geleid waar vier olifanten op ons staan te wachten: Mei Noi en Mei Klong, twee grote mama's en Khong Kham en Duan Pen twee ondeugende adolescenten. Voor iedereen het goed beseft zit ik al boven in de nek van Mei Noi en krijg ik uitleg over hoe ik commando's moet geven om vooruit te raken en naar links of naar rechts te gaan. Even later zitten ook Barbara, Albert en Timo in de nek van een olifant. Aanvankelijk bakken we er echt niet veel van en moeten de echte mahoots het grote werk doen, maar na een tijdje heb ik het gevoel dat Mei Noi toch al wat naar mij luistert. Ik stijg even af om ook Lieve en Arlette de kans te geven om daar heerlijk hoog en droog te zitten en in tussentijd kan ik even uitrusten op de bankjes onder de parasols die daar speciaals voor ons geplaatst zijn en genieten van het fruit dat daar ook voor ons ligt. We houden ons de hele voormiddag bezig met het aanleren van die basiscommando's en tegen lunchtijd zijn we allemaal enorm onder de indruk van deze lieve, zachtaardige kolossen. En na de maaltijd beginnen we aan het echte avontuur, op de olifanten de jungle in. Het steile pad vlak achter het oefenterrein leidt ons recht de jungle in en we genieten van het contact met de olifanten in hun natuurlijke habitat. Het wordt een onvergetelijke rit en na een kleine twee uur zijn wij bijna even moe als de olifanten zelf en is het hoog tijd voor een frisse duik. Dus trekken we van de berg recht naar de baadplaats in de rivier en terwijl onze lieve vriend(inn)en zich neervleien mogen wij ze bespetteren met het heerlijk verfrissende water. Als we denken dat we het nu wel gehad hebben voor de dag, komen ze met nog een verrassing af: we mogen samen met onze lieveling een schilderij maken. Het is te zeggen wij mogen de olifant een penseel geven en laten zien wat we graag geschilderd willen zien, en het lieve, slimme beest zet dat dan op doek! Nooit gedacht dat een olifant zo kunstzinnig kan zijn. Daarna zijn we echt uitgeput en krijgen we onze diploma's uitgereikt. We hebben onze basis mahoot opleiding allemaal met glans afgerond! Applausje voor ons en voor de olifantjes!

Onze dagen in Chiang Mai vliegen voorbij, want op dag twee zijn we al de hele dag in de weer met het koken van een thaise maaltijd. Onder de deskundige leiding van een thaise kok staan we elk aan onze eigen wok te proberen zijn brouwsels te evenaren in smaak en uitzicht. Het is geen gemakkelijke opdracht, maar onze lekkernijen smaken ons toch wel en we eten er zelfs zo veel van dat we 's avonds eigenlijk geen hap meer kunnen eten. Maar nu kunnen we toch zeggen dat we met succes zes echte thaise gerechten kunnen klaarmaken, of althans al eens klaargemaakt hebben, want om het nog eens te doen...

Vanuit Chiang Mai rijden we richting Sukhothai, de eerste hoofdstad van Thailand en een prachtige historisch park waar het heerlijk is om een voormiddag met de fiets van tempel naar tempel rond te rijden. Van daar rijden we door naar Ayuthaya, de tweede hoofdstad van Thailand, helemaal anders dan de eerste omdat hier de nieuwe stad op de overblijfselen van de oude stad gebouwd zijn en niet een paar kilometer verder. En dan is het al weer tijd om terug naar Bangkok te rijden, waar we ons minibusje, na 2500 kilometer trouwe dienst, met wat spijt in het hart terug moeten afgeven. Dezelfde avond stappen we nog op de nachtbus voor de laatste etappe van de reis: het eiland Koh Tao.

En ook dat is weer alles wat we er van verwachten en meer: een baai met een azuurblauwe zee, een parelwit strand en palmbomen om dat mee te omzomen. Doe daar nog een hutje op dat strand bij, en je kan je proberen voorstellen op welk paradijs we terecht gekomen zijn. Je moet het ons geen twee keer zeggen, nog voor we goed en wel toegekomen zijn zitten we al te genieten van het heerlijk koele water. Een dagje nietsdoen, lezen, babbelen, luieren, kajakken (Barbara en Timo althans) en veel rusten later zijn we volledig aangepast aan onze nieuwe levensstijl. We genieten met volle teugen van de rust na twee weken redelijk intensief rondreizen. En natuurlijk kunnen we het eiland niet verlaten zonder eerst te genieten van de pracht en praal van de onderwaterwereld. Dus op dag drie vertrekt de jonge garde met een zeer enthoesiaste jonge man en zijn longtail boot op toer rond het eiland. De eerste vraag die onze bootman ons stelt is of we die dag graag haaien willen zien. Zijn ze gevaarlijk? De vraag wordt luid lachend aanhoord. Nee dus, anders zou hij het echt niet voorstellen. Dan willen we ze maar al te graag zien en dus varen we aan een sneltreintempo richting Shark Bay,  hopend dat we daarzijn voor de horden toeristen komen en de haaien weg zijn. En inderdaad, we hebben geluk en we zien inderdaad haaien voorbij zwemmen. Niet echt van dichtbij, maar toch goed genoeg om te kunnen zeggen dat we haaien gezien hebben! Joehoe! Verder op de tocht zien we de echte koraalriffen, met een enorme overvloed aan vissen, groot en klein. We zijn echt onder de indruk en genieten van de natuurpracht. Aan het eind van de dag kunnen we, licht verbrand, terugkijken op alweer een heerlijke dag in Thailand (als dat geen reclameslogan is!).

En dan is het helaas alweer tijd om de terugtocht naar Bangkok aan te vatten en onze gasten op het vliegtuig terug naar huis te zetten. Hun avontuur zit erop en wij blijven weer met z'n tweetjes achter. Wij hebben genoten van ons samenzijn en het was voor hen een onvergetelijke ervaring!

Aan iedereen die ons trouw is blijven bestoken met mailtjes, dank u wel. We hebben de laatste maand geen tijd gehad om jullie van antwoord te dienen, maar we beloven dat we het goedmaken!

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

22 juli: Mighty Mekong

Ofte deel 2 van Belgen in Thailand. De familie Meere is nog maar pas vertrokken of wij mogen al in zeven haasten naar Korat vertrekken (die 300 kilometer tussen Bangkok en Korat zullen we tegen het einde van dit jaar wel van buiten kennen). In Korat hebben we nog geen 24 uur om alles in orde te brengen, nog een paar inkopen te doen, Suzy en Robin van stal te halen en volledig te bepakken en te vertrekken richting Nong Khai, een dorpje zo'n 400 kilometer ten noorden van Korat, aan de oever van de Mekong.

Twee dagen later komen we er toe, een paar uur voor Liesbeth (mijn zusje) en Brita (een vriendin). Wij hebben er dan twee dagen rijden op zitten en zij een hele dag bus op bus af, maar we zijn allemaal blij dat we elkaar terug zien. We hebben een hotelletje aan de oever van de Mekong en we genieten met volle teugen van de omgeving. De Mekong zal de komende dagen onze metgezel worden, dus we proberen hem goed tot ons te laten doordringen. De volgende ochtend krijgen ook Robin en Suzy gezelschap van Jack en Crazy Frog en nu we voltallig zijn kunnen we beginnen aan ons tochtje langs de Mekong. De route die we uitgestippeld hebben zal ons tot in Chiang Khan brengen, steeds proberen zo dicht mogelijk bij de Mekong te blijven. De eerste avond stoppen we in Si Chiang Mai, een gehucht dat bekendheid verworven heeft omdat het 's werelds grootste exporteur is van loempiavellen (hoe komt ge er bij!). We slapen in een van de twee hotelletjes die het dorp rijk is en kunnen genieten van het zicht op Vientiane, de hoofdstad van Laos aan de overkant van de rivier. De volgende dag wordt adembenemend. We rijden op de oever van de brede, heel krachtig stromende rivier (een duik zou waarschijnlijk dodelijk zijn), door de bergen die bezaaid liggen met tropisch woud en bananen-, hennep- en papayaplantages, rijstvelden en af en toe een dorpje. Aan de overkant van het water zien we de bergen van het onherbergzame Laos oprijzen. Het is onbeschrijflijk en we nemen onze tijd om het allemaal tot ons te laten doordringen. We houden natuurlijk ook de ogen op de weg, want van verkeer hebben we niet veel last, maar wel van de sporadische, verraderlijke putten die het liefst na een bocht met prachtige panorama's in het midden van de weg liggen te wachten op de nietsvermoedende motorrijder die uit de bocht komt aangevlogen. Onze vier stalen rossen krijgen het redelijk te verduren, maar ze laten ons gelukkig niet in de steek. Die middag stoppen we nog aan een waterval langs de kant van de weg en nemen een zeer verfrissende duik, onder algemene belangstelling van de aanwezige Thai. Die avond genieten we van een welverdiend avondmaal, alweer met zicht op de onovertroffen schoonheid van de Mekong.

We besluiten unaniem dat we het hotelletje leuk vinden en dat we er de volgende avond gewoon terug komen slapen. Dat betekent dat we de volgende dag zonder bagage kunnen rijden (wat een vrijheid). Het doel van de dag is om via de Mekong verder te rijden tot aan de grenspost met Laos en dan via het binnenland terug te keren. Op de kaart zien de wegen er allemaal zeer mooi uit, maar al na een paar kilometer blijkt dat kaarten niet altijd representatief zijn. De eerste dertig kilometer rijden we over een stuk weg bestaande uit meer putten dan weg. We komen amper vooruit en door het geslalom leggen we ruime het dubbele van de afstand af. Het grote voordeel is wel dat ze hier duidelijk nog maar heel weinig toeristen gezien hebben en zo goed als iedereen zwaait ons na of roept de een of andere begroeting. Ik rij de helft van de tijd met mijn linkerhand in de lucht om vriendelijk terug te zwaaien. Heel plezierig om zo veel warmte tegen te komen. Gelukkig verbetert de weg na een tijdje totdat hij weer zeer goed wordt (althans, even goed als de dag voordien) en kunnen we weer aan een aangename snelheid rijden. De natuur verandert ook van rijstvelden en plantages naar dicht woud en dan plots verlaten we de Mekong op de plaats waar die Laos in gaat en kunnen we op zoek gaan naar de grenspost. Ik zeg wel degelijk op zoek gaan naar, want het blijkt een hele zoektocht te zijn. Vier, vijf keer vragen we waar de grenspost ligt en evenveel keer krijgen we een ander antwoord. We besluiten na een uurtje of wat de zoektocht op te geven en iets kleins te eten in het eerste het beste kraampje dat we tegen komen. Brita bestelt Som Tam (een typisch gerecht van het Noordoosten) en ik vraag er expliciet bij om het totaal niet pikant te maken. Als Brita haar schotel krijgt blijkt die echter bijna niet te eten, zo pikant is hij. Omdat wij ongelovige Thomassen zijn en niet willen geloven dat dat de niet pikante versie is die ze gebracht hebben, komt de kokkin af met de echte Thaise versie. Nu moet ik toegeven dat ik nog maar zelden iets gegeten heb dat zo pikant is, je vraagt je af hoe iemand dat op krijgt. We zouden bijna de andere schotel leegeten om wat te blussen, maar besluiten om dat toch maar niet te doen. Door de zoektocht naar de grenspost zijn we ook wat van ons parkoers geraakt en in een poging weer op de goede weg te komen nemen we een afslag die ons een paar kilometer verder aan een weg in aanbouw brengt. De weg ziet er redelijk uit dus we rijden gewoon door en besluiten om eventjes stof te slikken tot we weer op de goede weg zitten. Roodbestoft komen we tien kilometer verder weer in de bewoonde wereld uit en kunnen onze reis verder zetten. Het landschap is prachtig: uitstrekte bergen, de uitlopers van een aantal natuurparken en een weg die daar doorheen kronkelt. We voelen ons nietig op onze kleine scootertjes, maar tegelijkertijd voelen we ons ook de koning te rijk! Op een kleine twintig kilometer van ons eindpunt missen we alweer een afslag, waardoor we uitkomen op de weg die we 's ochtends genomen hadden. Na dertig kilometer hotsen en botsen komen we volledig geklutst toe in ons hotelletje waar we alweer genieten van een heerlijke avond 'Mekongen'.

We nemen dezelfde weg terug als die langs waar we gekomen zijn omdat we er allemaal zo van onder de indruk waren dat de tweede keer ons zeker niet zou vervelen. Die avond slapen we in Sangkhom in een hutje aan de rivier en vanuit onze hangmat kunnen we genieten van het prachtige uitzicht. De volgende ochtend, de laatste van de rondrit, staat een bezoek aan het natuurpark Phu Prabat op het programma, maar als we opstaan regent het pijpestelen. Na een rustig ontbijt en wat geklets is het nog steeds niet gestopt met regenen, het miezert dan, en dus besluiten we om de regenkleren boven te halen en gewoon terug te rijden naar Nong Khai, zonder omweg langs het park. We komen, dankzij de vuilniszakken die we kregen van de hoteluitbaatster, redelijk droog toe en kunnen ons de hele namiddag onledig houden met rusten, praten en kaarten. Die avond moeten we met veel pijn in het hart afscheid nemen van Jack en Crazy Frog. De laatste dag die we samen met Liesbeth en Brita hebben, voor ze de nachttrein naar Bangkok opstappen, schijnt de zon voluit. De ideale dag dus om toch nog het natuurpark te bezoeken dat we door de regen moesten overslaan. Het wordt een prachtdag, het park is ronduit schitterend, een plateau bezaaid met de meest bizarre rotsformaties, als gigantische paddestoelen, waarrond het verhaaltje van een opgesloten prinses en een verliefde prins geweven is. 's Avonds moeten we helaas afscheid nemen van de meisjes en wij besluiten nog even van de heerlijke rust in Nong Khai te blijven genieten en eindelijk eens wat tijd vrij te maken om aan de website te werken.

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

23 september: Dames in watervallen

Oei oei oei, dat is al weer een tijdje geleden....

Voor al diegenen die ons bezorgde mails gestuurd hebben: we leven nog! We hebben zelfs een staatsgreep overleefd! Nu hebben we wel al meer meegemaakt dan dat, want eigenlijk hebben we er niets van gemerkt en we reden op het ogenblik van de feiten zelfs in een taxi door Bangkok. Het enige dat je de dag na de coup merkte was meer militairen en veel minder mensen op straat en een controle van onze zakken voor we een winkelcentrum binnen mochten. Ondertussen zijn we veilig in Khorat geraakt en hier is eigenlijk al helemaal niets te merken van de coup, tenzij misschien dat je nog meer mensen in een geel t-shirt (de kleur van de koning) ziet dan normaal. Meer dan 80 procent van de bevolking is tevreden met deze coup. Nu de koning legitimiteit gegeven heeft aan de coupplegers hoopt iedereen dat de zeer woelige politieke periode van de laatste jaren (met enorm veel corruptie, vriendjespolitiek en een totale ondermijning van de democratie door de premier) eindelijk achter de rug is. Wij hopen het samen met hen.

Maar voor een volledig relaas van onze avonturen van de afgelopen maand moet ik u mee terug nemen naar Laos, een dikke maand geleden.
We waren dus net toegekomen in Vientiane, de hoofdstad van het schitterende Laos. Veel is er in Vientiane niet te zien, en we waren dan ook vrij snel de meeste bezienswaardigheden door, maar net op het moment dat we aan het beslissen zijn of we nog even zouden blijven om uit te rusten en te genieten van de voordelen van een hoofdstad (alles voor handen en binnen handbereik) worden we totaal verrast door een tropische regenstorm. We hebben nog maar net gedaan met eten (pizza bij een echte Italiaan... jammie) of de hemelsluizen barsten open. We moeten er wel door, want het ziet er niet naar uit dat de bui snel zal overwaaien, dus met goede moed beginnen we de calvarietocht door het noodweer naar ons hotelletje (net op dat moment geen taxi te bekennen natuurlijk, voor 1 keer dat we er eens eentje zouden nemen!). Al snel blijkt dat de situatie nog erger is dan we van binnen in het restaurant hebben ingeschat, want de straten staan volledig blank, we zien het weggoppervlak zelfs niet meer. Eigenlijk zien we in het geheel niet veel meer, maar we zijn ondertussen toch al doornat dus omkeren heeft geen zin meer. En dan slaat twee straten verder het echte noodlot toe: Lieve stapt over een drempel om op de stoep te raken alleen zien we door de hevige regen niet dat de stoep geen stoep meer is maar een open afvoerput. Resultaat: Lieve valt plat op de grond en verzwikt daarbij haar enkel en schaaft haar knie. En daarmee is er voor ons beslist, zo reizen we onder geen voorwaarde verder dus blijven we nog een tijdje langer in Vientiane en genieten we van een weekje platte rust en even een vakantie van het reizen, waarbij we onszelf eens lekker verwennen met een leuk hotelletje en lekker eten!

Helaas aan alle mooie liedjes komt een eind en op maandag 28 augustus vertrekken we uit Vientiane richting Bangkok. Twee dagen later moeten we immers paraat staan om mijn moeder en tante de reis van hun leven te bezorgen...

Het wordt ons al snel duidelijk dat de dames er hetzelfde idee over hebben want aan energie en enthousiasme ontbreekt het al vanaf dag 1 niet. Na anderhalve dag Bangkok, waarop we het triumviraat van de koninklijke tempels van Bangkok bezoeken stappen we op de trein richting Chiang Mai. Op het perron wordt vrij snel duidelijk dat het plan mooier is dan de realiteit, want er wordt ons gezegd dat de trein niet tot in Chiang Mai zal kunnen doorrijden omdat hevige regenval ervoor gezorgd heeft dat de sporen vanaf Lampang (100 kilometer voor het eindpunt) onberijdbaar zijn. Om vier uur s nachts worden we echter al uit onze slaap gehaald omdat de trein vanaf Uttaradit (250 km van Chiang Mai) niet meer verder kan. We moeten allemaal overstappen op bussen en doen voor de rest van de nacht bijna geen oog meer dicht. Maar we komen behouden en wel in Chiang Mai toe en kunnen na een frisse douche onze huurauto gaan ophalen. Vanaf dan hebben we weer volledige mobiliteit en zijn we klaar om de rest van Thailand te showen aan ons nieuwsgierig publiek. Die avond valt het eerste shopping moment jammerlijk in het water en moeten we de bekende Night Bazaar vroegtijdig verlaten. Gelukkig hebben we nog twee avonden die volledig in teken van koopjes geplaatst kunnen worden. Overdag hebben we tijd genoeg om de vier mooiste tempels van de stad te bezoeken, ons eens lekker te laten verwennen op een massage en stoombad en de schitterende Doi Inthanon te beklimmen. Doi Inthanon is de hoogste piek van Thailand en is volledig beschermd als natuurgebied. Het is een prachtig landschap, gezegend met drie indrukwekkende watervallen die ingesloten liggen in ongerept regenwoud. Een heerlijk dagje uit dat beloond wordt met het bordje "The Highest Point in Thailand". Zelfs met de auto is het een klim om u tegen te zeggen. Een paar jaar eerder stonden Lieve en ik met oververhitte motor te wachten tot ons beestje afgekoeld was...

Vanuit Chiang Mai rijden we richting Sukhothai, de eerste hoofdstad van het eengemaakte Thailand, en van daar de dag nadien naar Lopburi, de apenstad, waar we s morgens de verjaardag van Lieve kunnen vieren. Hiep Hiep Hoera, al weer een jaartje verder! En zo blijkt is Lopburi de ideale stad om dat te vieren, wij zijn er nog nooit geweest, dus wij zijn even verrast als mama en Annemarie dat de stad stikt van de apen. In totaal tweeduizend apen hebben besloten dat de geneugten van de stad leuker zijn dan die van de jungle en dus hebben ze zich twee oude Khmer tempels van de stad toegeeigend. Een heel bijzonder zicht, apen in op en naast de ruines, wij zijn er in ieder geval weg van. Zo lang het duurt, want s avonds worden al in Khorat verwacht bij mijn gastfamilie en dan kan ik eindelijk eens laten zien waar ik al zo vaak over gepraat heb. Het wordt een avondje foto's kijken en herinneringen ophalen. Vanuit Khorat maken we een daguitstap naar de Khmer ruines van Phanom Rung en de laatste Khorat-dag gebruiken we om de stad zelf te verkennen. Vanuit Khorat trekken we via Ayuthaya, Bang Pa-In en Nakhon Phathom naar Kanchanaburi, van waar we een van de mooiste watervallen van Thailand bezoeken. De Erawan watervallen bestaan eigenlijk uit zeven niveaus, de een al sprookjesachtiger dan de andere. Vanaf het eerste niveau klim je door de jungle 2200 meter tot aan het hoogste niveau. Onderweg kan je aan elk niveau genieten van een heerlijke plons is het frisse water aan de voet van een waterval. Het is een onbeschrijflijk gevoel, midden in de jungle zwemmen in een waterbekken dat vol zit met vissen en gekroond wordt door een schitterende waterval. Op een niveau had de waterval zelfs een natuurlijke glijbaan gecreeerd aangezien het water over een enorm grote gladde rotsnaar beneden stroomde en in een diepe poel uitkwam. Even stijgt de adrenaline als je boven staat en kijkt hoe je naar beneden moet -het is geen walibi met mooi afgeboorde glijbanen- maar eens je onderweg bent is het puur genieten en wachten tot het water van de rivier je volledig opslokt. Heerlijk en zeker voor herhaling vatbaar! Maar waar Kanchanaburi wereldwijde beroemdheid mee verworven heeft is de brug over de rivier Kwai. Het is moeilijk in te beelden dat dit rustige stadje in de tweede wereldoorlog zo veel leed te verwerken gekregen heeft. Krijgsgevangenen van de Japanse bezetter werden in onmenselijke omstandigheden te werk gesteld om een spoorlijn aan te leggen door de onherbergzame jungle om Thailand met Birma te verbinden. Duizenden en duizenden mensen kunnen het niet meer navertellen... En dat is nog niet eens zo lang geleden. Als we op de weg terug naar Bangkok aan de praat raken met de uitbaatster van een piepklein restaurantje langs de kant van de weg haalt ze plots een Hollandse medaille boven. Een ontsnapte Nederlandse krijgsgevangene was tijdens WOII bij haar moeder om eten en onderdak komen vragen en het enige dat hij bij zich had om haar mee te betalen was die medaille. Of de man het er levend van af gebracht heeft weten we niet, maar zo'n verhaal maakt je even stil.

Een paar uur later geven we in Bangkok de auto af en maken ons klaar voor de laatste trip: naar het eiland Koh Samui voor een paar daagjes niets doen. Alhoewel, niets doen? We hebben anderhalve dag echt niets gedaan, maar van de andere twee dagen hebben we een dag gebruikt om met de scooter (Annemarie en mama achterop) het eiland te verkennen en de andere dag zijn we naar Ang Tong gevaren, een prachtig natuurpark dat bestaat uit 42 eilandjes die zeer idyllisch omgeven worden door azuurblauwe zee. Alweer zijn we verbaasd over de overweldigende schoonheid van de natuur!

Ik schreef het al, aan alle mooie liedjes komt een eind en zo moeten we ook weer afscheid nemen van ons laatste bezoek. Dinsdagavond om 22.00 zetten we de dames op het vliegtuig, twintig minuutjes voor generaal Sonthi 20 kilometer verderop de staatsgreep bekend maakt.

Nu maken wij ons klaar om Cambodia onveilig te maken. Gisteren hebben we zo goed als de hele dag van a naar b gelopen om alle papieren voor Robin en Suzy in orde te krijgen, en waarschijnlijk vertrekken we morgen (zondag) richting de grens. To be continued...
Als allerlaatste toch nog even iedereen bedanken die ons mailtjes gestuurd heeft ook al hadden wij niets van ons laten horen. Het is leuk om nieuws van jullie te krijgen!

stuur ons een berichtje                                                                                                   terug naar boven
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------